Samenvatting: de Balkanoorlogen, waaronder de Bosnische Burgeroorlog, worden vaak enkel in termen van etnische conflict — bv. Moslims en Kroaten vs. Serviërs — verklaard, maar dat vormt slechts deel van het verhaal. Minder bekend is de rol die gespeeld is door (regionale) grootmachten, zoals de Verenigde Staten (VS), in het ‘balkaniseren’ van de voormalig Joegoslavische staat. Inderdaad, de Verenigde Staten droeg daar aanzienlijk aan bij door 1) haar economie te destabiliseren en 2) de afscheidingscampagnes van de individuele Balkanstaten te steunen.

Geld in ruil voor destabilisatie
Europa was na de Tweede Wereldoorlog verdeeld in twee kampen: het kapitalistische westen en het communistische blok. Hoewel Joegoslavië communistisch van aard was koos haar leider, Josip Broz Tito, niet nadrukkelijk voor één kant en dat zette het land, volgens econoom Sean Garvasi, open voor invloed uit het westen. Joegoslavië was een bruikbare partner voor Washington, omdat het fungeerde als een bolwerk tegen Sovjet-invloed, en in ruil daarvoor ontving Belgrado westerse hulp en ontstond er (economische) interactie tussen beide werelden.

Die overeenkomst (met de VS) zou volgens professor Chussodovksy, verbonden aan de Universiteit van Ottawa, ook de deuren openen voor destabilisatie. Dat moment kwam toen Joegoslavië in 1980 in een economische dip zat, en om uit haar economische ellende te ontsnappen accepteerde Belgrado leningen van het Internationale Monetaire Fonds (IMF) — een internationale monetaire institutie gedomineerd door de VS en West-Europa.

In ruil voor leningen was Belgrado verplicht om een neoliberale programma — IMF’s kenmerk — door te voeren. De gevolgen hiervan waren tweeledig: enerzijds verminderde de nationale schuld en anderzijds had het schadelijke gevolgen voor de economie en samenleving. Ter vergelijking: in de twee decennia voor het invoeren van het IMF programma kende Joegoslavië een groei van 6.1 procent, en voorzag het haar burgers van o.a. gratis medische zorg. De door het IMF opgelegde programma bracht daar een einde aan, en had ingrijpende gevolgen voor de economie:

 Following the initial phase of macro-economic reform in 1980, industrial growth plummeted to 2.8 percent in the 1980-87 period, plunging to zero in 1987-88 and to a negative 10 percent growth rate by 1990.

Om nog verder in aanmerking te komen voor IMF-leningen moest Belgrado haar welvaartsstaat afbreken, waardoor de sociale spanningen werden aangewakkerd. Ook kwam de centrale bank geleidelijk aan in handen van het IMF, waardoor Belgrado niet meer in staat was om haar eigen economie te reguleren.

Deze ontwikkeling zette zich voort en had desastreuze gevolgen voor de economie. Tegen 1990 kromp het nationale inkomen met 7,5 procent en in 1991 met 15%: reële lonen waren in vrije val, de welvaartsstaat was afgebroken en werkloosheid was ongekend hoog. Joegoslavië was in feite straatarm en onderdanig gemaakt aan de wil van het IMF.

Uit gedeclassificeerde documenten blijkt dat het platleggen van de Joegoslavische economie wezenlijk deel uitmaakte van het buitenlandbeleid van de VS.  In twee geheime beleidsnotities (uit 1982 en 1984) komt naar voren dat het Reagan regime plannen maakte om Joegoslavië te destabiliseren én om de communistische overheid omver te werpen. Middels het IMF was de eerste doelstelling geslaagd.

Voor- en tegenstanders 
Het afbreken van de Joegoslavische economie wakkerde logischerwijs ook sociale spanningen aan. Nationale machthebbers, waaronder de Kroaten, Slovenen en (Bosnische) Moslims, grepen deze mogelijkheid aan om in 1991 — een jaar voor het uitbreken van de Bosnische Burgeroorlog — te sturen naar onafhankelijkheid.

Hierdoor ontstonden er twee kampen: de voorstanders van desintegratie — Slovenië, Kroatie en Bosnië — tegenover de staten die voor het behouden van Joegoslavië waren — vertegenwoordigd door Servië (en Montenegro). De voorstanders van desintegratie werden gesteund door o.a. de Verenigde Staten en Duitsland, die ook Joegoslavië opgesplitst wilden zien.

De nieuwe wereldorde
Tijdens de destabilisatie van Joegoslavië ontstond er een nieuwe wereldorde en ook dat had invloed op de ontwikkelingen in de Balkan. De Sovjet-Unië hield in 1991 op met bestaan, en Duitsland was een jaar eerder herenigd. Duitsland oefende gelijk haar nieuw verweven macht uit door de ontwikkelingen in de Balkan zo veel mogelijk naar haar eigen belangen te sturen. Slovenië en Kroatië, wiens afscheidingscampagne in 1991 in volle gang was, werden gelijk erkend door Berlijn en daarmee kwam het uiteenvallen van Joegoslavië in een stroomversnelling.

Het erkennen van Slovenië en Kroatië werd aanvankelijk tegengewerkt door de Verenigde Staten, en de reden daarvoor ligt ook in de nieuwe wereldorde: de NAVO ging door een identiteitscrisis.

De NAVO was na de Tweede Wereldoorlog opgericht om de VS en Europa in een veiligheidspact te binden contra de Sovjet-Unië en haar Warschau-Pact. Dat bestaansrecht kende geen grond meer na het wegvallen van de Sovjet-Unië. Bovendien was het voortbestaan van de NAVO van belang voor de VS, omdat het dient als een vehikel waarmee Washington haar macht behoud over de Europese staten. Reden genoeg voor de NAVO (en Washington) om op zoek te gaan naar een nieuwe zingeving, en die vond ze in de Balkan, zoals de Noord-Amerikaanse onderzoeker George Bogdanich dat als volgt uitlegt:

“If the Yugoslav conflict was resolved diplomatically without the U.S., the need for NATO would be further diminished and might be replaced by a European alliance.”

Het einde en het begin
De Noord-Amerikaanse interventies hadden ook een ander doel. De VS stuurde namelijk aan tot een burgeroorlog. Tegen 1992 werden Slovenië, Kroatië en Bosnië erkend door Washington (en de Europese staten), en daarmee werd de spijker in de doodskist van Joegoslavië geslagen, zoals George Kenney, hooggeplaatste ambtenaar binnen de ministerie van Buitenlandse Zaken, dat ook erkent:

 “The [U.S.] intelligence agencies were unanimous in telling us that if you recognize Bosnia it will blow up.”

Dat de VS geen honest broker was wordt ook erkend door Charles Boyd — een voormalige Noord-Amerikaanse luchtmachtgeneraal. Boyd, die tevens diende als vervangend NAVO commandant in Europa én hoofd van de inlichtingendienst, zegt daar het volgende over:

“The US approach to the war in Bosnia is torn by a fundamental contradiction. The United States says that its objective is to end the war through a negotiated settlement, but  in reality what it wants is to influence the outcome in favor of the Muslims.”

Voordat de Bosnische Burgeroorlog uitbrak werd er nog getracht om tot een diplomatieke oplossing te komen — ook wel bekend als de Lissabon-overeenkomst –, maar de VS en de Bosnische Moslims hadden daar klaarblijkelijk geen interesse in. Op 20 maart 1992 hadden de Bosnische Serviërs, Moslims en Kroaten hun handtekening gezet onder de Lissabon-overeenkomst; terwijl de inkt nog niet opgedroogd was verwierp de leider van de Moslims, Alija Izetbegovic, onder aanmoeding van de VS, twee dagen later het verdrag.

Twee weken later, in april 1992, ging de Bosnische Burgeroorlog officieel van start.

Advertenties

4 gedachten over “Geopolitieke aanloop naar de Bosnische Burgeroorlog

    1. Westerse landen én ook hun bondgenoten (Bosnische Moslims en Kroaten in dit geval). Maar idd: het westen (met de VS voorop) is oppermachtig en kan ontwikkelingen naar haar voordeel toe trekken.

      Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s